“In februari, even voordat de corona-crisis uitbrak, zijn er nog twee paters op bezoek gekomen van de Vincentiaanse Congregatie uit Nairobi, Kenya. Zij komen ieder jaar om gedurende een aantal dagen lezingen te geven. Iedere avond was er vervolgens een zogenaamd ‘healing prayer’. Nog nooit zagen we zoveel mensen in het gemeenschapscentrum in Kigali waar wij werkten, heel indrukwekkend. Waar er normaal voor grote evenementen zo’n 1.000 mensen komen, waren er nu ongeveer 3.000. Net de week voordat de scholen sluitten, had Peter nog met de tweede groep straatkinderen de fluiten afgemaakt. Hiermee konden zij nu de gehele toonladder (1,5 toonladder eigenlijk) van bes spelen. Al snel daarna raadde de Nederlandse ambassade  ons aan om zo snel mogelijk het land  te verlaten voor het op slot zou gaan vanwege corona. Na een heus avontuur kwamen we eind maart terug in Nederland. Ons Fidesco avontuur zit er weer op. Het was een goede tijd, soms spannend, intens, warm en kort. In Rwanda heeft de levenslust van mensen ons zeer geinspireerd. Hoeveel ellende ze ook op hun weg krijgen, de mensen die wij ontmoet hebben, waren vooral erg dankbaar en vreugdevol. Tijdens de twee jaar dat wij ons beschikbaar stelden voor de missie, liep steeds alles anders dan we verwacht en gepland hadden. We hebben begrepen dat dit voor het leven geldt. In contact met andere culturen hebben we gezien hoe zaken anders kunnen. Maar het heeft ons ook doen beseffen hoe fijn het is om een eigen cultuur te hebben, die je begrijpt. Dat wij dit samen met onze kinderen konden doen is heel bijzonder. Het heeft onze onderlinge band versterkt. Daarnaast hebben we ook van onze kinderen geleerd. De openheid naar andere mensen, die onze kleine kinderen hebben en de manier waarop zij zich aanpasten aan nieuwe situaties. Wij hebben offers moeten brengen voor deze missies, maar wij hebben veel meer gekregen dan gegeven. Terugblikkend denken we dan ook dat het belangrijkst van ontwikkelingswerk is om voortdurend een houding te hebben van het delen van welvaart. Wij hebben zoveel kansen en middelen gekregen. Hartelijk dank voor uw ondersteuning en tot ziens.”

Groeten van Peter en Tessa Jansen, Niek, Sem en Eva